top of page

Is het Islamitische Regime Verdeeld Tegen Zichzelf?

Tikkun Global

Jeruzalem, Israël



Een van de uitspraken van Yeshua die door de geschiedenis heen heeft weerklonken, is zowel eenvoudig als diepgaand: “Een koninkrijk dat tegen zichzelf verdeeld is, kan niet standhouden.” (Marcus 3:24). Yeshua sprak deze woorden toen Hij reageerde op beschuldigingen dat Hij demonen uitdreef door de macht van Satan. Zijn antwoord onthulde een tijdloos principe. Als een koninkrijk innerlijk verdeeld raakt, als zijn eigen delen zich tegen elkaar keren, kan het niet lang stabiel blijven. Innerlijke verdeeldheid leidt uiteindelijk tot verzwakking, en verzwakking leidt vaak tot instorting. Wat Yeshua op dat moment zei, was niet alleen een antwoord aan Zijn critici, maar ook een openbaring van een diepere geestelijke realiteit over hoe het rijk van de duisternis werkt en hoe het uiteindelijk verzwakt.


Voor mij persoonlijk heeft dit principe van Yeshua al vele jaren een bijzonder gewicht. Sinds 2013 heb ik het voorrecht gehad om samen met Asher Intrater in de bediening op te trekken. Door de jaren heen heb ik hem vaak horen bidden en onderwijzen over hoe de woorden van Yeshua laten zien op welke manier onderdrukkende geestelijke systemen uiteindelijk verzwakken en instorten. Wanneer de machten van de duisternis zich tegen zichzelf beginnen te keren, begint hun vermogen om de controle te behouden af te brokkelen.


In veel opzichten hebben we de aardse uitdrukking van dit soort onderdrukkende geestelijke heerschappij in het Midden-Oosten gezien door middel van het islamitische regime in Iran sinds de revolutie van 1979. Sinds die tijd heeft het regime zijn ideologie en invloed ver buiten zijn grenzen geprojecteerd, militante bewegingen gesteund en instabiliteit in de hele regio aangewakkerd. Via netwerken van proxies, financiële steun en politieke allianties heeft het geprobeerd gebeurtenissen in het hele Midden-Oosten te beïnvloeden, terwijl het tegelijk een beeld van kracht en eenheid wist te handhaven.


In de afgelopen dagen zijn er echter tekenen van ernstige verdeeldheid begonnen op te duiken binnen de leiding van het islamitische regime zelf. Vroege berichten die in de Arabische media circuleerden, meldden dat Mojtaba Khamenei, de zoon van Ali Khamenei, was aangewezen als erfgenaam van de leiding van het regime. Kort daarna werden die berichten in twijfel getrokken en gedeeltelijk ingetrokken, te midden van aanwijzingen van onenigheid onder degenen die na recente gerichte eliminaties in machtsposities waren overgebleven. Vervolgens werden de berichten na enkele dagen opnieuw verduidelijkt en gepresenteerd als een overeengekomen benoeming binnen het islamitische regime, waarbij Mojtaba Khamenei inderdaad naar voren werd geschoven als de volgende erfgenaam van het leiderschap. Toch viel er iets ongewoons op toen zijn eerste publieke boodschap naar buiten kwam. De aankondiging werd niet in zijn eigen stem gebracht. In plaats daarvan werd de boodschap voorgelezen door een verteller. Als hij werkelijk als de volgende leider wordt gepresenteerd, is het opvallend dat het regime niet zijn eigen stem gebruikte, en juist dat detail versterkt het gevoel dat er binnen de leiding iets diepers gaande kan zijn.


Tegelijkertijd lijkt er ook een belangrijke breuk te ontstaan tussen Hamas en het islamitische regime zelf. Hamas heeft jarenlang gefunctioneerd als een van de belangrijkste proxies die door het islamitische regime in Iran werden gesteund, en ontving financiële en militaire steun die hielp zijn activiteiten in stand te houden. Qatar heeft lange tijd een centrale rol gespeeld als bemiddelaar in deze relatie en diende als kanaal waarlangs communicatie en steun vanuit het islamitische regime naar Hamas stroomden. Recente regionale spanningen, waaronder aanvallen op het grondgebied van Qatar, hebben die constructie echter onder druk gezet. In deze nieuwe situatie heeft Hamas Iran naar verluidt opgeroepen te stoppen met het aanvallen van naburige Arabische landen. Deze ontwikkeling is bijzonder significant, aangezien Hamas een Palestijnse soennitische beweging is, terwijl het islamitische regime in Iran een sjiitische leiding vertegenwoordigt. Dit legt een diepere sektarische kloof bloot die al lange tijd bestaat, maar nu openlijker aan de oppervlakte komt. Wanneer een soennitische proxy zich begint te verzetten tegen een sjiitisch regime dat haar jarenlang heeft gesteund, weerspiegelt dat een ernstige breuk die gelovigen kunnen herkennen en waarvoor zij kunnen bidden. Dit is een opmerkelijke ontwikkeling, omdat het een moment markeert waarop een organisatie die lange tijd binnen Irans regionale netwerk heeft gefunctioneerd, zich nu publiekelijk distantieert van Irans handelen. Wanneer een proxy zich begint te keren tegen juist die macht die haar jarenlang heeft ondersteund, kan dat een duidelijk teken zijn dat er diepere scheuren in het systeem beginnen te ontstaan.


Deze ontwikkelingen garanderen niet dat het islamitische regime zal instorten. Juist daarom is dit moment geestelijk zo betekenisvol. Nu we tekenen zien van echte verdeeldheid binnen het regime, is dit een tijd waarin gelovigen doelgericht kunnen bidden met precies de woorden die Yeshua heeft uitgesproken: “Een koninkrijk dat tegen zichzelf verdeeld is, kan niet standhouden.” Door Zijn woorden voor God uit te spreken, kijken we niet alleen naar wat er gebeurt; we brengen onze gebeden in overeenstemming met de waarheid die Hij sprak en verzetten ons tegen de mogelijkheid dat dit regime zich zou kunnen stabiliseren en zijn onderdrukkende heerschappij zou kunnen voortzetten. Dit is geen gebed tegen het volk van Iran, van wie velen diep hebben geleden onder dit regime. Het is veeleer een gebed tegen een onderdrukkend en kwaad systeem dat al tientallen jaren geweld en instabiliteit in de regio heeft gebracht. Als gelovigen kunnen wij de woorden van Yeshua over dit regime uitspreken, in het vertrouwen dat de verdeeldheid die nu zichtbaar wordt uiteindelijk zal leiden tot de val van deze onderdrukkende heerschappij, want een koninkrijk dat tegen zichzelf verdeeld is, kan niet standhouden.


Tegelijkertijd werkt dit principe ook in de tegenovergestelde richting. Als verdeeldheid de vijand verzwakt, dan versterkt eenheid degenen die weerstand bieden aan het kwaad. Daarom moeten we, naast te bidden voor verdeeldheid binnen onderdrukkende systemen, ook bidden voor eenheid onder hen die zich daartegen verzetten. In het bijzonder kunnen we bidden voor eenheid tussen Israël en de Verenigde Staten, wier leiderschap en samenwerking vanaf het allereerste begin centraal hebben gestaan in het tegengaan van de uitbreiding van het islamitische regime. We kunnen ook bidden voor afstemming tussen andere landen die een belangrijke rol spelen, waaronder partners in Europa en belangrijke landen in de regio zoals Saoedi-Arabië. Daarmee erkennen we het geestelijke belang van eenheid onder hen die in positie zijn geplaatst om weerstand te bieden aan dit kwaad. Op deze manier bidden we beide kanten van Yeshua’s principe: dat een verdeeld koninkrijk niet kan standhouden, en dat eenheid onder hen die het kwaad weerstaan kracht, stabiliteit en uiteindelijk overwinning zal brengen.

bottom of page